Wandeltochten langs kust en heuvels vanuit Sainte-Maxime

Wandeltochten langs kust en heuvels vanuit Sainte-Maxime

Sainte-Maxime is zo’n plek waar je na een eerste wandeling al weet dat je terug zult komen. De geur van parasoldennen en rozemarijn, de glinstering van de Golf van Saint-Tropez, het ritme van cicaden in de zomer – het is allemaal decor voor routes die je op je eigen tempo loopt. Of je nu houdt van zoute zeewind en rotsbaaien of van stille bospaden en uitzichtspunten, vanuit Sainte-Maxime kun je in beide werelden stappen: langs de kust over het Sentier du Littoral én landinwaarts de heuvels in, het Massif des Maures in. In dit artikel neem ik je mee langs concrete routes, kleine verborgen plekken en praktische tips die je niet in elke gids terugvindt, zodat jij straks precies weet waar je schoenen aan te trekken.

De kust begrijpen: het Sentier du Littoral, maar dan lokaal

De Franse “Sentier du Littoral” is een lange kustroute die zich langs grote delen van de Middellandse Zeekust slingert. Rond Sainte-Maxime is het geen ononderbroken boulevard: je loopt afwisselend over zand, rotsplaten, steile paadjes en af en toe over korte stukjes asfalt of houten vlonders. Het mooie is dat je zelf segmenten kunt kiezen passend bij je humeur en tijd, van een uurtje tot een halve dag. Verwacht geen hoge kliffen zoals bij de Atlantische kust – hier zijn het intieme calanques, ronde graniet- en leisteenformaties en gezichten op het rode Esterelgebergte aan de overkant van de baai.

Wat dit stuk kust bijzonder maakt

Rond Sainte-Maxime wisselen zandstranden en rotskusten elkaar snel af. Die variatie maakt dat je op korte afstand heel verschillende sferen ervaart: de luwte van een baai, het open uitzicht op de Golf van Saint-Tropez, of de stoere punt van Sardinaux waar de wind vrij spel heeft. Ook historisch gezien is er veel te zien, met sporen van kustverdediging (zoals bunkers op Pointe des Sardinaux) en zelfs resten van een Romeinse visvijver bij Les Issambres. Voeg daar mediterrane flora aan toe – mastiekstruiken, kruipende tijm, cistus, slanke steenbreek – en je hebt een route die zowel voor natuurliefhebbers als voor fotografen aantrekkelijk is.

Beste momenten van de dag

In de zomer loont zonsopgang. De lichtval is zacht, de zee is vaak vlak en je deelt het pad vooral met vissers en vroege zwemmers. Aan het eind van de dag is de zonsondergang vanaf de rotsen rond La Nartelle en Sardinaux fenomenaal, zeker als het Esterelgebergte z’n koperrode gloed laat zien. In de wintermaanden is het licht kraakhelder, de wind kan fris zijn, maar de paden zijn rustig en de kleuren intens.

Route 1: van Sainte-Maxime naar Pointe des Sardinaux

Als je één kustwandeling zou moeten kiezen, laat het dan deze zijn. Vanaf de boulevard in Sainte-Maxime loop je oostwaarts in de richting van La Croisette en Plage de la Nartelle. De route is modulair: je kunt hem inkorten of juist verlengen. Reken voor het hele traject tot de uiterste punt van Sardinaux op 2,5 tot 3 uur heen en terug, afhankelijk van je stops.

Het pad begint ontspannen over de promenade, perfect om in te lopen. Langs het parkachtige stuk passeer je het Jardin Botanique des Myrtes, een klein maar verrassend gevarieerd park waar je even tussen exotische planten kunt slenteren. Ga vervolgens verder langs de kust: hier wordt het pad ruiger, met af en toe lage rotsen waarop je uitstekend kunt zitten voor een korte pauze.

De Pointe des Sardinaux zelf is een lage landtong. Op de top staan oude betonnen bouwwerken, stille getuigen van de Tweede Wereldoorlog. Kinderen vinden de getijdepoeltjes aan de rand fascinerend; volwassenen waarderen hier vooral 360-graden uitzichten. Op windstille dagen lijkt het water in de baaien rond de landtong soms turquoise. Op wat ruigere dagen kruipt wit schuim langs de randen van de rotsen – beide sferen zijn mooi, maar bij deining is goede grip onder je schoenen belangrijk.

Route 2: La Nartelle en Plage des Éléphants

Tussen Plage de la Nartelle en Plage des Éléphants ontdek je kleine, minder bezochte stukjes kust met rotsplateaus, miniduinen en een strook parasoldennen die schaduw bieden. “Les Éléphants” is geliefd bij locals, mede door de zachte helling van het strand en het heldere water. Minder bekend is dat je achter de eerste duinrand nog restanten van zeeduinvegetatie vindt, zoals de zeenarcis en duinriet. Respecteer deze zones; ze zijn kwetsbaar en spelen een rol in de bescherming van de kust.

Als je hier start, kun je een korte lus maken van ongeveer 5 km: vertrek bij La Nartelle, wandel oostwaarts over het kustpad tot voorbij “Les Éléphants”, en keer landinwaarts via rustige straatjes met zicht op zee. Het is een route met weinig hoogteverschil, ideaal voor een ontspannen ochtend. Tip: neem een lichte strandhanddoek mee; het is verleidelijk om halverwege een duik te nemen in een van de kleine inhammen waar het water vaak glashelder is.

Route 3: La Croisette naar La Madrague – stadsrand met zeezicht

Deze route is een mooie mix van stedelijke promenade en natuurlijk kustpad. Vanuit het centrum loop je langs de brede boulevard richting La Croisette. Het deel tot de voetgangersbrug over de Préconil is vrijwel vlak en toegankelijk. Steek de brug over en blijf de kust volgen richting La Madrague. Onderweg: uitzicht op de Tour Carrée (het vierkante torentje dat het stadsbeeld siert), bankjes om even te zitten en regelmatig trappen naar het strand.

La Madrague voelt al wat wilder, met smalle paadjes en stukjes rots. Wie een korte, toegankelijke wandeling zoekt, draait hier om. Wil je door, dan kun je nog een eind verder het kustpad volgen, maar houd er rekening mee dat delen van het pad na zware stormen tijdelijk kunnen worden afgesloten voor herstel. Neem bij twijfel een klein omweggetje via parallelle straten.

Route 4: Les Issambres, calanques en het Romeinse vivier

Net ten oosten van Sainte-Maxime ligt Les Issambres, een reeks baaien, puntjes en calanques die onder wandelaars geliefd is. De oversteek is kort; met de auto of bus ben je er zo, maar je kunt ook een langere kustdag plannen en erheen wandelen in etappes.

Calanque de Tardieu en Pointe des Issambres

De Calanque de Tardieu is een kleine inham met rotsen die door de zee glad zijn gepolijst. Vanaf de boulevard van Les Issambres nemen houten trappen je omlaag naar rotsplateaus. Dit is een goede plek voor een picknick in de luwte, met zicht op de baai. Loop je door naar de Pointe des Issambres, dan krijg je een wijds uitzicht op zowel het Esterel als de richting van Sainte-Maxime. Op heldere dagen kun je zelfs de contouren van het massief van Les Maures landinwaarts zien liggen, wat mooi contrasteert met het rood van het Esterel aan de overkant van de baai van Fréjus.

Het vivier romain en Val d’Esquières

Een bijzonder historisch detail: bij Plage de la Gaillarde vind je restanten van een Romeinse visvijver, het “vivier romain”. Bij laag water zie je het beter. De Romeinen vingen hier vissen die in het bekken werden bewaard in zeewater, een vroege vorm van aquacultuur. Wandel van hieruit verder naar Val d’Esquières, een kalm stukje kust met wisselende vegetatie en kleine strandjes. Dit segment van het kustpad is afwisselend en minder druk dan de klassiekers dichter bij Sainte-Maxime.

Route 5: Doorsteken naar Saint-Aygulf en de Étangs de Villepey

Als je zin hebt in een langere dagtocht met een ander karakter, loop dan door naar Saint-Aygulf. Je komt bij de Étangs de Villepey, een lagunelandschap met zoet-zoutwater, vogelkijkhutten en houten loopbruggen. Het is een wereld op zichzelf, met een totaal andere sfeer dan de rotskusten bij La Nartelle. Flamingo’s zijn hier sporadische passanten; vaker zie je reigers, aalscholvers, kluten en tal van zangvogels. Het pad is grotendeels vlak en goed te combineren met het kustpad. Neem een verrekijker mee als je die hebt; de open vlaktes en rietvelden zitten vol leven.

Wie de combinatie van cultuur en natuur zoekt, kan in Saint-Aygulf ook door het Parc Areca slenteren, een botanische tuin met palmen en mediterrane planten. In een enkele dag ervaar je hiermee drie gezichten van de kust: rots, strand en lagune.

Het binnenland in: het Massif des Maures

De heuvels achter Sainte-Maxime zijn een wereld van schist en kurkeiken. Het Massif des Maures, minder bekend dan het Esterel, is ruig en stil. De paden hier ruiken naar laurier, tijm en cistus. Af en toe opent het bos zich en zie je de baai glinsteren, ver beneden. Wandelen in de Maures is anders dan langs de kust: minder zoute wind, meer vogelgeluiden; minder mensen, meer stilte. Het is ook het domein van de beschermde Griekse landschildpad (Hermann’s schildpad). Zie je er een, bewonder hem op afstand en laat hem vooral z’n gang gaan.

Notre-Dame de Miremer en de hoogte boven La Garde-Freinet

Een klassieke route met panoramische beloning is de tocht naar het heiligdom van Notre-Dame de Miremer, boven La Garde-Freinet. Vanaf de parkeerplek op de kam is het een aangename stijging door kurkeikenbos. Boven wacht een kapel met zicht richting de kust en ver landinwaarts. Plan deze route op een heldere dag; je ziet dan hoe het landschap langzaam afloopt naar zee en hoe de dorpen als eilandjes in het bos liggen. Reken op 2,5 tot 3 uur voor een prettige lus, afhankelijk van je startpunt. Op de terugweg kun je via een parallel pad lopen dat langs zones met brem en arbutus leidt – in de herfst leveren de aardbeibomen rode vruchten en staat het bos vol kleur.

Plan-de-la-Tour en de “Pierre Plantée”

Het dorp Plan-de-la-Tour, op korte afstand van Sainte-Maxime, is een ideale uitvalsbasis voor rustige heuvelwandelingen. Ten noorden van het dorp vind je de Pierre Plantée, een menhir die bewijst dat dit landschap al heel lang bewoond is. Wandel vanuit het dorp een lus via de menhir en de boskammen; je passeert kurkeiken met sporen van eerdere oogst (de bastafname voor kurk gebeurt in cycli), zonnige open stukken met tijm en rotsige passages met schist die in zonlicht zilverachtig glanst. Een lus van 8 tot 10 km is hier makkelijk te maken, met 250–400 meter hoogteverschil. Neem genoeg water mee, want bronnen zijn schaars.

Rocher de Roquebrune: rood gesteente en drie kruisen

Wie eens iets heel anders wil dan de grijze schist van de Maures, kan richting Roquebrune-sur-Argens rijden en de Rocher de Roquebrune beklimmen. Het is een icoon: rood-oranje, met drie kruisen op de top. De klim is pittiger dan de gemiddelde kustwandeling, met soms steilere passages en rotsen waarop je handen te hulp komen. Maar de beloning is fenomenaal: uitzicht over de Argens-vallei, het Esterel, en met helder weer zelfs een glimp van de kustlijn richting Sainte-Maxime. Er lopen meerdere lussen; kies voor de variant die langs de Hermitage Notre-Dame de la Roquette gaat als je van sfeer houdt. Goed schoeisel is hier essentieel en bij regen worden de rotsen glad. Plan 3–4 uur en houd rekening met beperkte schaduw in de hogere zones.

Korte wandelingen in en om het centrum

Niet elke dag hoeft een expeditie te zijn. Ook in en rond het centrum van Sainte-Maxime zijn er korte, karaktervolle wandelingen die verrassend veel opleveren.

- De promenade en het Jardin Botanique des Myrtes: een half uurtje tot een uur, met aandacht voor mediterrane beplanting en bankjes in de schaduw. Perfect als opwarmertje of om de benen los te maken na een stranddag.

- Rondje Tour Carrée en oude haven: slenter langs de kades, kijk naar de kleine vissersbootjes en de ochtenddrukte op het water. De Tour Carrée geeft karakter aan het stadsgezicht; de omliggende straatjes hebben verrukkelijke geuren rond marktdagen.

- De riviermonding van de Préconil: een klein, vaak over het hoofd gezien stuk waar je bij laag water steltlopers kunt zien foerageren. Het voetgangersbruggetje is een leuk uitzichtpunt voor foto’s, zeker bij zonsopkomst als de rivier gespiegeld ligt.

Thema’s onderweg: natuur, verhalen en stenen

Wandelen wordt nóg rijker als je let op een paar details die het landschap context geven.

- Flora en geuren: in de lente hangt er een kruidige lucht van tijm en rozemarijn. In de zomer is de harsgeur van parasoldennen dominant. Let eens op de mastiekstruik met z’n glanzende bladeren, en de cistus die met z’n papieren bloemblaadjes tot leven komt. In de duinzones rond Les Issambres groeit de zeedis (oftewel zeedistel) en soms de zeenarcis, bijzonder en kwetsbaar.

- Geologie: langs de kust van Sainte-Maxime domineert schist, dat in laagjes splijt en zilvergrijs glanst. Kijk richting Esterel en je ziet vuursteenrode rhyoliet – het kleurcontrast bij zonsondergang is altijd fotogeniek.

- Historie: op Pointe des Sardinaux staan bunkers en uitkijkposten uit de Tweede Wereldoorlog. Iets landinwaarts, richting Les Issambres, vind je de Dolmen de la Gaillarde – een megalithisch graf dat herinnert aan prehistorische bewoning. En beneden aan zee, bij Gaillarde, het “vivier romain” dat laat zien hoe inventief men in de oudheid al met zee en zout omging.

Praktische tips: veiligheid, seizoenen en oriëntatie

- Schoeisel: aan de kust kom je regelmatig op rotsplaten waar zeewier of opspattend water voor gladheid zorgt. Profielzolen geven comfort en zekerheid. Voor de heuvels volstaat een lichte wandelschoen of trailrunner met goede grip.

- Water en zon: zelfs korte kustwandelingen kunnen warm worden door weerkaatsing van de zon op water en rots. Neem meer water mee dan je denkt nodig te hebben, en draag een hoed of pet. Een licht sjaaltje kan wonderen doen tegen zon en wind.

- Wind en zee: bij sterke mistral kan de zee opspelen. Blijf op afstand van randen waar golven overslaan. Check ook het weerbericht als je de rotsige punten op wilt.

- Padsluitingen in de Maures: in de zomermaanden, bij extreme droogte en brandgevaar, kunnen bosgebieden tijdelijk gesloten worden. Informeer voor vertrek. Respecteer eventuele afsluitingen; ze zijn er niet voor niets.

- Markeringen: veel lokale paden zijn geel gemarkeerd (PR-routes), kustsegmenten van het Sentier du Littoral hebben vaak houten paaltjes of verfmarkeringen. Volg ze, maar gebruik je kaartgevoel; een korte omleiding over straat is soms nodig bij erosieherstel.

Voor wie wat: gezinnen, rustzoekers en trailrunners

- Gezinnen: kies de lus La Croisette – La Madrague of de rotsplateaus bij Sardinaux. Neem een vergrootglas mee en ga op zoek naar kleine krabben en zeesterren in de poeltjes. Plan korte etappes met veel pauzes; het water is toch te verleidelijk.

- Rustzoekers: ga vroeg naar de Étangs de Villepey of kies een doordeweekse ochtend in de Maures. Het pad naar Notre-Dame de Miremer is een uitstekende keuze als je stilte wilt, met af en toe enkel het ruisen van de wind in kurkeiken.

- Trailrunners: de kammen rond Plan-de-la-Tour bieden vloeiende singletracks met af en toe pittige klimmetjes. Op de kust zijn de stenen passages technisch; ideaal voor korte intervaltrainingen met uitzichtbonus.

Duurzaam op pad: kleine keuzes, groot effect

De kust en de heuvels hier zijn kwetsbaar. Een paar simpele gewoontes maken verschil. Blijf op paden en respecteer duinvegetatie; die houdt het zand op z’n plaats. Neem je eigen waterfles mee en vul die in het dorp. In het hoogseizoen is de lokale busverbinding tussen Sainte-Maxime, Les Issambres en omliggende plaatsen een handig alternatief voor de auto. En een klein vuilniszakje in je rugzak maakt dat je niet alleen je eigen afval meeneemt, maar ook dat ene flesje dat je onderweg aantreft.

Drie uitgewerkte dagroutes vanuit Sainte-Maxime

Dagroute A: Kustklassieker met Sardinaux

- Start: centrum van Sainte-Maxime, bij de boulevard.

- Traject: boulevard – Jardin des Myrtes – La Croisette – Plage de la Nartelle – Pointe des Sardinaux – terug langs kust, optioneel laatste stuk via parallelle straten.

- Afstand en tijd: 10–12 km, 3,5–4,5 uur inclusief pauzes.

- Waarom deze: maximale variatie met minimale logistiek. Je eindigt waar je begon, met onderweg genoeg plekken om te zwemmen of te zitten. Fototips: vroege ochtend bij Jardin des Myrtes, late namiddag bij Sardinaux.

Dagroute B: Les Issambres en het vivier romain

- Start: Les Issambres (San Peire) of wandel erheen in etappes vanaf Sainte-Maxime als je langere afstanden wilt.

- Traject: San Peire – Calanque de Tardieu – Pointe des Issambres – Plage de la Gaillarde – vivier romain – Val d’Esquières – lus terug.

- Afstand en tijd: 8–14 km afhankelijk van je keerpunt, 3–5 uur.

- Waarom deze: cultureel-historische details (Romeins vivier), intieme calanques en rotsige passages voor afwisseling. Lunchplek: rotsplateau in de luwte bij Tardieu of bankje bij Gaillarde.

Dagroute C: Heuvels van Plan-de-la-Tour en Pierre Plantée

- Start: Plan-de-la-Tour dorpsplein.

- Traject: dorpskern – boskammen ten noorden – Pierre Plantée – terug via parallel pad met kurkeikenbos en open heidevelden.

- Afstand en tijd: 9–12 km, 3–4 uur.

- Waarom deze: rust, zachte hoogtemeters en een vleugje prehistorie. In de herfst extra mooi door de kleuren van arbutus en de geur van nat schist na regen.

Stap-voor-stap: een korte sunset-walk naar Pointe des Sardinaux

Wil je één heel concrete, korte route voor aan het eind van de dag, dan is dit mijn favoriet. Je hebt weinig voorbereiding nodig en de beloning is groot.

  1. Parkeer of start bij Plage de la Nartelle. Neem water en eventueel een licht vest mee.
  2. Volg het kustpad oostwaarts. Het pad is smal maar duidelijk; je hoort al snel het ritme van de golven tegen de rotsen.
  3. Na ongeveer 20–30 minuten sta je op de randen van de Pointe des Sardinaux. Verken de landtong: links vind je lagere rotsplaten, rechts iets ruigere randen.
  4. Zoek een plek met zicht op de baai. Als de zon zakt, kleuren het Esterel en de baai goudrood. Let op dat je niet te dicht bij natte randen zit; golven kunnen ineens hoger opspatten.
  5. Loop in het laatste licht terug. De paden zijn open genoeg om je comfortabel te voelen, maar een zaklamp op je telefoon is handig als de schemer sneller valt dan gedacht.

Alternatief: als je niet naar Sardinaux wilt, wandel dan vanaf de boulevard naar de voetgangersbrug over de Préconil. De reflectie van de stadslampjes in de riviermonding levert in het blauwe uur mooie foto’s op, en je route blijft goed verlicht.

Kleine extra’s die je wandeling bijzonder maken

- Markt in Sainte-Maxime: plan een ochtendwandeling en loop daarna langs de markt om verse abrikozen, olijven of een fougasse te halen. Met een tas vol lekkers smaakt je picknick dubbel zo goed.

- Bakkers en bankjes: het klinkt simpel, maar een nog lauwwarme croissant op een houten bankje met zicht op de baai is soms precies het moment dat blijft hangen. De boulevard heeft verspreid bankjes in de schaduw van stenen dennen; perfect voor korte stops.

- Seizoenskleur: in februari en maart bloeit mimosa in de Maures – heliumgele wolken langs de randen van paden. In mei-juni is het de beurt aan cistus en brem. In september-oktober is het licht zachter en het zeewater vaak nog warm genoeg voor een spontane duik.

Oriëntatiepunten: handig om te onthouden

- Tour Carrée: het vierkante torentje is een visueel anker als je langs de kust richting oosten loopt. Kijk je terug naar de stad, dan zie je hem vaak boven de daken uit.

- Pont du Préconil: de voetgangersbrug markeert ongeveer het punt waar promenade overgaat in iets natuurlijker kust. Een goed keerpunt voor een korte wandeling.

- Pointe des Sardinaux: denk aan “einde van de landtong”. Als je dit punt eenmaal hebt ervaren, kun je het niet meer verwarren met een andere plek; het is compact maar karaktervol.

- Col du Bougnon: als je richting Les Issambres landinwaarts een klim ziet in de weg, dan is dat vaak deze col. Voor wandelaars is het een oriëntatiepunt om de nabijheid van de heuvels te voelen. In de buurt vind je ook de Dolmen de la Gaillarde, een leuk kort cultureel uitstapje.

Als het warm is: slim timen en schaduw zoeken

In juli en augustus plan je kustwandelingen idealiter vroeg in de ochtend of later in de middag. Het spel van licht op het water is dan bovendien mooier. Zoek op het heetst van de dag schaduw in het Jardin des Myrtes, onder parasoldennen aan de rand van La Nartelle of op een bankje langs de promenade. In de heuvels is vroeg starten een must; het bos geeft wel schaduw, maar stijgen in de hitte kost energie.

Uitrusting: licht maar doordacht

- Schoenen: lichte wandelschoenen of trailrunners met profiel. Sandalen met grip kunnen voor de kust in de zomer ook, maar let op bij natte rotsen.

- Hoed, zonnebril, zonnebrand: de basis. De reflectie op het water is intens.

- Water en snack: reken op minstens 0,5–1 liter per persoon per uur bij warmte. Een zakje amandelen, gedroogde vijgen of een lokale navette in je rugzak is nooit verkeerd.

- Klein EHBO-setje: pleisters en een blarenpleister maken het verschil als je net iets te enthousiast nieuwe schoenen hebt aangetrokken.

- Telefoon met offline kaart: handig als er een tijdelijke omleiding is. Het netwerk is langs de kust meestal goed, maar in bosrijke dalen kan het wegvallen.

Een paar minder bekende tips

- Ochtendstilte bij Plage des Éléphants: vóór 9 uur is het hier vaak sereen. De zee is kalm en doorzichtig; perfect om na je wandeling even te pootje baden.

- Rotsbanken ten westen van La Croisette: tussen promenade en de eerste strandjes vind je lage rotsbanken die bij eb droogvallen. Het zijn fijne plekken om in alle rust te zitten, zelfs op drukkere dagen.

- Kleine heideplateaus boven Plan-de-la-Tour: op sommige kammmen heb je open stukken waar in het voorjaar vlinders overvloedig vliegen. Neem de tijd, ga even zitten en je ziet in vijf minuten meer dan tijdens een uur doorstappen.

Regendag of ruwe zee: wat dan?

Het gebeurt niet vaak dat het weer je plannen doorkruist, maar als het kustpad glad of de zee onstuimig is, kies dan voor de promenade en korte stadsrondjes. Een bezoek aan de Tour Carrée en vervolgens een lus langs de riviermonding geeft je toch dat buitengevoel, zonder risico’s. In de heuvels kunnen paden na regen modderig worden; kies dan routes met bredere boswegen in plaats van smalle singletracks over gladde schist.

Van wandeling naar gewoonte

Wat veel mensen ontdekken, is dat wandelen hier een ritueel wordt. Even een halfuurtje langs het water voor het ontbijt. Een uur in de heuvels als de lucht kraakhelder is na een mistral. Of een ommetje naar een bekend bankje waar je de zon onder ziet gaan. Dankzij de variatie binnen korte afstand voelt elke wandeling anders, zelfs als je hetzelfde pad twee keer neemt. En die herkenning – het weten waar het licht mooi valt, welke rots warm aanvoelt tegen je rug, waar de geur van dennen net wat sterker is – maakt dat je je steeds meer thuis voelt in het landschap rond Sainte-Maxime.

Tot slot: jouw beste wandelmoment hier

Als ik één beeld zou moeten kiezen dat deze streek samenvat, dan is het het moment waarop je vanaf een rots bij Sardinaux naar het stille water kijkt, de baai ziet ademen en achter je de dennen zacht horen ruisen. Of dat je op een heuvelkam boven Plan-de-la-Tour ineens de zee ziet oplichten tussen twee kurkeiken door. De kust en de heuvels versterken elkaar hier. Het is de combinatie van zout en schist, van blauw en groen, van wind en stilte die elke stap betekenis geeft. Begin met een korte route, proef hoe het voelt, en bouw van daaruit aan je eigen kaart van favoriete paden en kleine plekken die je graag opnieuw opzoekt.

Wie deze afwisselende kust- en heuvelroutes op zijn gemak wil ontdekken, vindt met onze villa’s in Sainte-Maxime een ideale uitvalsbasis tussen zee en natuur.